Kort antwoord
Het blad van een batje bestaat uit lagen fineer, meestal vijf of zeven, soms met een laag carbon of een andere vezel. Meer lagen en stijvere materialen maken het blad sneller; minder lagen en zachter hout geven meer gevoel en controle. Het reglement eist dat het blad voor minstens 85 procent uit natuurlijk hout bestaat.
Opbouw
| Opbouw | Snelheid | Gevoel | Voor wie |
|---|---|---|---|
| 5 lagen hout | Gemiddeld | Veel | Beginners, allround, verdedigers |
| 7 lagen hout | Hoger | Minder | Aanvallers |
| Hout met carbon of andere vezel | Hoog | Minder, directer | Ervaren aanvallers |
Het hout
Veel gebruikte houtsoorten zijn limba, ayous, koto en hinoki. Zachte houtsoorten voelen soepel en geven de bal meer tijd op het rubber. Harde houtsoorten aan de buitenkant maken het blad sneller. Fabrikanten combineren houtsoorten om een bepaald gevoel te krijgen.
Vezels
Tussen de houtlagen kan een laag carbon, glasvezel of een ander vezelmateriaal zitten. Dat maakt het blad stijver en sneller en vergroot de sweet spot. Het reglement staat dit toe zolang minstens 85 procent van de dikte natuurlijk hout is, en de vezellaag heel dun blijft.
Het handvat
- Uitlopend (flared). Breder onderaan, ligt vast in de hand. De meest gekozen vorm.
- Recht (straight). Even breed over de hele lengte. Makkelijk om de grip te wisselen.
- Anatomisch. Dikker in het midden.
- Conisch. Loopt smal toe naar boven.
Voor penhouders bestaan aparte bladen met een kort handvat.
Gewicht
Een zwaarder blad geeft meer kracht, een lichter blad is sneller te bewegen. Het rubber voegt daar nog gewicht aan toe. Voor beginners is een licht tot gemiddeld batje het prettigst.